Bij deze vorm van tennis zitten alle deelnemende spelers in een rolstoel. De sport richt zich op tennissers die een bepaalde fysieke aandoening hebben, waardoor ze worden beperkt in hun bewegingsvrijheid. Die aandoening moet medisch zijn gediagnosticeerd. De sport wordt onder andere gespeeld door mensen met een amputatie of een mobiliteitsbeperkende neurologische afwijking. Er worden wereldwijd veel rolstoeltennistoernooien gehouden.

De geschiedenis van rolstoeltennis

Deze variatie van het tennisspel bestaat nog niet zo lang. De sport kwam in opkomst in de jaren 70. Destijds raakte de Amerikaan Brad Parks verlamd tijdens een ongeluk. Hij belande in een rolstoel, maar probeerde vervolgens toch te tennissen. Hij raakte hier zo door gecharmeerd dat hij de sport begon te promoten. Sindsdien is de rolstoeltennissport flink gegroeid. Tegenwoordig is de sport een onderdeel van de Paralympische Zomerspelen.

De spelregels van rolstoeltennis

De spelregels voor rolstoeltennis zijn vrijwel het zelfde als bij een standaard tennisspel. Bij rolstoeltennis mag de bal wel twee keer stuiteren. De eerste stuit moet binnen de belijning terecht komen. De tweede stuit mag dan eventueel buiten de belijningen vallen. De winnaar is de speler die twee sets van 6 games wint. Bij een gelijke stand van 6:6 vindt er een tie-break plaats.

De tennisrolstoel

Tijdens de beginjaren van de sport, werd er nog gespeeld met normale rolstoelen. In het huidige rolstoeltennis wordt er gespeeld met speciale sportrolstoelen. Deze zijn specefiek aangepast voor de tennissport. Een van die aanpassingen is bijvoorbeeld de hoek van het wiel. Bij een tennisrolstoel staat het wiel op 20 graden. De speler kan dan gemakkelijker draaien, en de rolstoel kan minder snel omvallen.